Creatieve Workshops

Workshop 1: Contemporary Dance

Voor mijn eerste workshop koos ik voor hedendaagse dans. Deze keuze kwam enerzijds omdat ik graag sport en actief bezig ben maar tegelijk vind ik het ook enorm spannend om lichamelijk aanwezig te zijn, omdat ik toch vrij verlegen ben. Daarnaast kan ik me in hedendaagse dans minder vestoppen achter choreografie of achter het idee van juist of fout. Daarom leek deze workshop voor mij een eerste stap in mijn creatieve zoektocht.

 

Workshop 2: Pottenbakken

Ik droomde er al langer van om eens met klei op een draaischijf te werken. Er leek nooit echt een gelegenheid te zijn dus nu leek dit een mooie kans om mij in te schrijven en bewust bezig te zijn met mijn creatieve expressie. De reden waarom pottendraaien mij aansprak, is omdat ik graag met mijn handen bezig ben en graag werk rond vorm en esthetiek. Ook al ben ik mij ervan bewust dat pottendraaien veel techniek, geduld en oefening vraagt, wou ik het nu toch een kans geven.

Workshop 1: Contemporary Dance

Contemporary dance met Işıl Bıçakçı - 3 lessen van 2u in Wisper Gent

Ik keek op Wisper en contemporary dance was er één worksop die voor mij uitsprong. Ik beweeg graaag maar vind het spannend om lichamelijk vrij te bewegen en het niet te kunnen verstoppen achter choreografie. Deze workshop sloot aan bij mijn behoefte en liefde voor beweging, maar tegelijk haalt het me uit mijn confortzone door de focus op vrije expressie.  

Les 1: Loskomen uit mijn hoofd

Tijdens mijn eerste les merkte ik dat ik helemaal stijf was. Ik zat in mijn hoofd, vooral omdat ik niet wist hoe ik “vrij” moest bewegen. Onze lerares gaf een introductie en ijsbrekers zoals: beweeg in de ruimte en benoem dingen die je ziet luidop.

Dit klinkt als een simpele oefening maar ik had dit heel hard nodig: richtlijnen, iets buiten mezelf, gewoon wandelenen en naar objecten kijken. Die eenvoud gaf mij houvast. Daardoor werd het ineens minder belangrijk hoe ik me bewoog en kon mijn aandacht verschijven naar de ruimte rond mij.

Ze vroeg ons daarna om rond te blijven lopen in de ruimte maar telkens op een andere manier, soms huppelen, soms in een slangbeweging, achteruitwaarts of met je handen eerst te wandelen. Deze oefeningen waren een beetje absurd waardoor ik geleidelijk meer in mijn lichaam zakte en er plezier in begon te vinden. Deze oefeningen leerde me ook letterlijk ruimte in te nemen, zonder dat daar een “mooi” beweging uit moest vloeien.

Er was nog een andere oefening waar we van de ene kant van de zaal naar de andere kant moesten lopen en haar beweging moesten volgen. De oefeningen zagen er wat ongemaklijk uit om te doen, maar eens je het doet voel je je veel vrijer dan verwacht. Ik merkte achteraf dat ik mij ongemakkelijk voelde omdat ik gewend ben om tussen de lijntjes te kleuren. Zonder lijntjes wist ik niet goed welke ruimte te vullen.

Tijdens het tweede deel begonnen we met een opwarming van onze wervelkolom. Işıl legde uit hoe belangrijk onze wervelkolom is in dans en hoe we verschillende wervels konden stretchen. We deden basisoefeningen om die op te warmen.

Tegen het einde van de les kregen we een stukje choreochrafie op een hedendaagse manier op het liedje van Amy Winehouse – Back To Black, die we doorheen de lessen opbouwen.

We eindigden de les met een “rave”. Işıl zette een Turks liedje op een we mochten er op los gaan. Dat lukte mij niet echt. Ik voelde dat ik nog te veel nadacht over hoe ik mijn lichaam moest bewegen. Ik probeerde rond mij te kijken voor inspiratie. Maar het waren bewegingen die echt vanuit een soort van emotie voorvloeiden en die voor mij niet echt een duidelijke logica hadden, waardoor ik terug naar mezelf keerde.

De eerste les maakte mij me direct zichtbaar hoe sterk ik nood had aan kaders. Vrijheid klinkt aantrekkelijk, maar wanneer er geen duidelijke richting of vorm is, word ik onzeker. Gelukkig kon ik meer loslaten door de speelse en absurde oefeningen.

 

Les 2: Ongemak toelaten

Tijdens onze tweede lesdag voelde ik me minder ongemakkelijk. Ik merkte tijdens de eerste da dat mensen zichzelf niet te serieus namen, wat veilig en bevrijdend was om te zien. De eerste oefening was dat we in een cirkel moesten staan en een danspasje of beweging moechten toewijden aan onze naam. Het mocht een pasje zijn dat goed paste bij je persoonlijkheid. Zo gingen we heel de groep af, maar telkens met een nieuw pasje erbij. Het was een goede oefening om elkaar namen beter te leren kennen, maar zeker ook een geheugenoefening.  

Na die oefening werd ons gevraagd om met ons gezicht naar de andere kant van de rumte te keren, waardoor we allemaal naar de muren keken en dus niet naar elkaar. Daarna werd ons gevraagd om gewoon te dansen op gevoel en op de muziek. Ergens moest het ons geruststellen, omdat er zogezegd nietmand keek naar jouw bewegingen. Toch was dat niet zo gereustellend, daarnaast was het vrij bewegen in mijn lichaam moeilijk. Ik wou telkens ritmische bewegingen doen, maar de muziek was zelfden ritmisch, waardoor ik niet kon terugvallen op de bewegingen die ik al kende. Deze oefening leerde ons juist niet te volgen wat ons aangeleerd was, maar te bewegen vanuit hoe we ons voelden. Ik probeerde te bewegen op manieren die heel ongemakkelijk aanvoelden, maar wist dat dit deel was van de workshop.

Daarna leerden we ook over de grond te kruipen. Onze handen en voeten waren al het ware magnetisch verbonden met de grond, dus we mochten nooit loskomen van de grond. Zo gingen we van de ene kant van de zaal naar de andere. Het was kwetsbaar om over de vloer te bewegen met handen en voeten, soms op je buik of op je rug. Tegelijk moesten we onze wervelkolom soepel inzetten. Op dat moment zat ik minder in mijn hoofd. Maar probeeerde ik die oefening zo juist mogelijk uit te voeren, wat meer in mijn confortzone ligt.

Op het einde van de les vulden we onze choreochrafie aan en deden we nog een Rave op Who Let The Dogs Out. Dat moment voelde anders dan de eerste rave. Iedereen leek vrijer te bewegen en je zag dat de groep hechter werd. Het werd me ook duidelijk dat er niets echt “fout” kon. Al was ik robotisch of herhaalde ik dezelfde pasjes, het was niet juist of fout.

Deze les liet mij ervaren dat ongemak kleiner wordt wanneer er veiligheid in de groep ontstaat. De oefening met de muur, over de vloer en de rave confronteerde me opnieuw met schaamte maar tegelijk was ik me er nu meer van bewust dat die schaamte er niet hoefde te zijn want iedereen probeerde ook maar wat.

 

Les 3: Meer vertrouwen in beweging

Tijdens onze derde lesdag mochten we per twee een opwarming doen, het was een deel van de choreografie die we later gingen aanvullen. We moesten ons lichaam leren gebruiken op een dynamische manier, maar ondersteunenden elkaar in de oefening.

Het was een simpele oefening. We moesten op onze rug liggen en de andere persoon moest jouw been diagonaal plaatsen waardoor je romp uiteindelijk meedraaide en je op je buik terechtkam. Daarna deden we dat ook met onze armen eerst. Het was een manier om met lichaam te werken dat we niet eerder kenden. De beweging kwam niet volledig uit jezelf maar ontstond door richting van de ander.

Die dag deden we ook oefeningen van de ene kant van de zaal naar de andere kant van de zaal maar met meer nadruk op het bewegen van onze wervelkolom. Die oefening ging veel vlotter, omdat we ze al eens hadden gedaan. Ik voelde dat herhaling me vertrouwen gaf. Wat gisteren vreemd aanvoelde, begon nu iets bekender te worden.

En we eindigden met het herahalen en verder afwerken van de choreografie. Voor mij voelde deze laatste les gehechter en minder verlegen. Ik was minder bezig met hoe een beweging overkam en kon meer in mijn lichaam zakken. Ik was nog steeds niet volledig vrij, maar voelde wel al minder weerstand om de oefeningen te doen.

 

Reflectie

Wat bleeft me het meeste bij en waarom?

Wat mij het meest bijblijft van deze workshop is hoe moeilijk het was voor me om eerst mijn hoofd uit te schakelen. Het verraste me ook hoe stijf ik was. Ik voelde me verlegen ookal kwam dat niet perse van de klas. Ik dacht altijd dat ik een vrij lichamelijk en spontaan persoon was omdat ik graag sport en sociaal bezig ben, maar deze workshop vroeg toch iets anders.

Bij sport is er meestal een techniek of een doel en ben ik de bewegingen al gewoon, hier ging het minder om het “goed doen”, maar meer om het voelen van je emoties en die te vertalen naar je lichaam. Dat maakte de worksop confronterender dan verawcht.

Het blijft me ook bij hoe Işıl Bıçakçı vrij in haar lichaam bewoog. Ik vond dat inspirerend om te zien en tegelijk moeilijk om te vatten. Haar bewegingen leken niet bedacht, maar kwamen alsof haar lichaam zelf wist welke richting het uit moest. Dit deed me realiseren hoe weinig vanzelfsprekend vrije beweging voor mij op dat moment was, ook al ben ik mij ervan bewust dat zij als lerares veel ervaring heeft.

Vond ik het eerder uitdagend of grensverleggend?

De sessies waren voor mij uitdagend en grensverleggend. De oefeningen waren niet technisch moeilijk en vroegen ook geen ervaring maar ik moest wel lichamelijke kwetsbaarheid tonen in groep en in een vreemde ruimte die ik nog niet kende. Die vorm van vrij bewegen kende ik nogn iet voor deze sessies.

 Ook al heb ik enkele jaren gedanst, toen volgde ik een choreografie die vaak ook strak en ritmisch was. Nu merkte ik dat het vanuit mijn lichaam moest komen zonder veel richtlijnen.  Ik wou weten of ik het juist deed, hoe ik overkwam maar in deze workshop ging het daar niet over.

De uitdaging zat dus niet in het dansen maar in het vrij bewegen zonder controle te willen hebben over hoe ik overkom. Dat maakte de workshop voor mij grensverleggend. Door vrij te bewegen maakte ik ook iets van mezelf zichtbaar: mijn onzekerheid, mijn behoefte aan houvast en bevestiging.   

Riepen deze sessies weerstand bij me op?

Ja, vooral tijdens de rave-momenten merkte ik dat de meesten gewoon deden en ik rond mij keek om inspiratie buiten mezelf te vinden. Die weerstand kwam van controle en schaamte. Ik wou weten hoe ik het deed en of het was zoals het verwacht werd, zeker tijdens de eerste rave sessie.  

Welke aspecten waren onverwacht in deze sessie?

Ik had niet verwacht dat de simpelste oefeningen me zo uit mijn hoofd in mijn lichaam konden krijgen. De “complexere” oefeningen leken me vanzelfsprekend in zo een workshop, maar de simpele oefeningen deden ook veel. Bijvoorbeeld het kruipen over de vloer wanneer we onze handen en voeten niet mochten heffen, of het wandelen doorheen de zaal en voorwerpen luidop benoemen.  

Die oefeningen waren eerst vreemd, maar daardoor werd het ook minder serieus en ging ik meer uit mijn hoofd. Juist omdat de opdrachten eenvoudig en soms absurd waren, kon ik mijn drang om goed te doen makkelijker loslaten. 

Het was voor mij een belangrijke inzicht, creatieve expressie hoeft niet altijd te beginnen met iets groots of origineels. Soms begint het met een simspele opdracht die ons genoeg veiligheid geeft om ons te doen bewegen. 

Welke nieuwe aspecten heb ik van mezelf ontdekt?

Ik heb ontdekt dat ik toch minder spontaan en vrij ben dan ik dacht. Ik heb ook ontdekt dat ik vaak eerst een kader nodig heb voordat ik kan spelen.  

Ik ontdekte ook dat ik mezelf niet altijd te serieus moet nemen en dat lichamelijk vrij bewegen iets is dat ik later graag wil ontdekken. Er zit nieuwsgierigheid in mijn naar expressie in beweging.

Met welke grenzen werd ik geconfronteerd?

Mijn grootste grens tijdens deze workshop was dat ik controle moest loslaten. Controle over hoe ik de oefening uitvoerde, over hoe ik eruit zag of ik het juist deed. Het lijkt minder zichtbaar in mijn dagelijkse leven, maar ik besef dat dit er wel is. Ik heb blijkbaar mijn manieren ontwikkeld om situaties controleerbaar te houden, waardoor die behoefte minder opvalt.

Tijdens deze workshop heb ik ontdekt dat ik me daar minder kon achter verstoppen. Vrij dansen heeft getoond dat ik wel richting, bevestiging, inspiratie zoek, ook al dacht ik dat ik hier uit was gegroeid.

Workshop 2: Pottendraaien

Pottendraaien bij Keramiekatelier Venus met Lurtgart - 3 lessen van telkens 3u

Ik droomde er al langer van om eens met klei op een draaischijf te werken. Er leek nooit echt een gelegenheid te zijn dus nu leek dit een mooie kans om mij in te schrijven en bewust bezig te zijn met mijn creatieve expressie. De reden waarom pottendraaien mij aansprak, is omdat ik graag met mijn handen bezig ben en graag werk rond vorm en esthetiek. Ook al ben ik mij ervan bewust dat pottendraaien veel techniek, geduld en oefening vraagt, wou ik het nu toch een kans geven.

Les 1: “Je bent baas over je klei.”

Tijdens de eerste les leerden we vooral de basis van klei en pottendraaien. Lutgart legde uit welke soorten klei er bestaan en hoe we de klei vooraf 60 keer moesten kneden om luchtbellen eruit te krijgen en het vocht gelijk te verspreiden. Ik had er nooit bij stilgestaan dat de voorbereiding zo belangrijk was. Wat je vooraf niet goed doet, kan later tijdens het drogen of bakken voor barsten of scheurtjes zorgen.

Na het kneden zaten we elk aan een draaischijf. Lutgart toonde eerst voor hoe we moesten centreren. We moesten onze ellebogen in onze lies plaatsen om zo ergonomisch mogelijk te werken en zo vanuit onze benen en armen de klei te kunnen centreren. Lutgart zei dat we de klei “baas moesten zijn”. Daarmee bedoelde ze volgens mij dat je stevig en duidelijk aanwezig moest zijn . Als je twijfelt of te zacht werkt neemt de klei het van je over.

Wanneer de klei gecentreerd was, moesten we die omhoog duwen tot een kegel en daarna weer naar beneden duwen. Dit moesten we minstens twee keer doen. Het ziet er altijd heel gemakkelijk uit wanneer iemand het voordoet, maar ik merkte toch dat er meer kracht en precisie nodig was om het juist te doen. De onderkant van mijn hand, waar ik centreerde en tegen de draaischijf aanduwde, kreeg het warm en voelde ook het zand van de klei schuren.

Na het centreren maakten we een putje met onze wijsvinger. Daarna trokken we die opening voorzichtig open en gebruikten we een bepaalde vingertechniek om de muren op te trekken. Dit was veel moeilijker dan verwacht. Ik had begeleiding nodig. Wanneer Lutgart mijn handen vastnam om mij te tonen wat er werd verwacht, voelde ik ineens de stabiliteit en ervaring in haar handen en snapte ik beter wat ze bedoelde. Dat was interessant, omdat mijn hoofd niet volledig begreep wat ze bedoelde, maar mijn handen wel konden aanvoelen hoe ze moesten bewegen.

Tegen het einde van de les had ik drie potjes gemaakt. Ze waren niet perfect, maar ze waren voor mij toch mooi. Deze les vroeg veel aandacht en kracht, maar vooral veel pogingen. Ik keek uit naar de volgende draailes.

Les 2: Lederhard

Tijdens de tweede les begonnen we met afdraaien en proper maken door de zij- en onderkant bij te werken met een soort schraper. De klei was lederhard geworden, waardoor het makkelijker was om ermee te werken. Lutgart deed het voor, daarna mochten wij onze potjes afwerken.   

Ik vond dit gedeelte in het pottenbakken enorm rustgevend. Je zag met kleine, nauwkeurige bewegingen het eindresultaat dichterbij komen. In tegenstelling tot het draaien, voelde ik minder weerstand. Daar had ik een onzeker gevoel en wist ik de balans niet goed te vinden tussen zachtheid en kracht. zijn. Bij het afdraaien was het vanzelfsprekender dat je het potje laagje per laagje bewerkt tot de gewenste dikte.

Daarna mochten we opnieuw een stuk klei kneden, centreren en optrekken. Vandaag ging het al beter dan de eerste les. Toch merkte ik dat ik het pottendraaien had onderschat. Het lijkt op video’s altijd zo vlot en bijna vanzelfsprekend te gaan, maar er zit meer techniek en oefening achter, dat besef ik nu.

Les 3: Bijwerken en Glazuren

Tijdens onze laatste les had Lutgart onze potjes eerst biscuitgebakken op 900 graden. De potjes die nog niet helemaal klaar waren, mochten we eerst verder afdraaien, zodat ze later gebakken konden worden.

Lutgart had een hele collectie aan glazuren waaruit we mochten kiezen. Ze bereidde ons erop voor dat het glazuur er na de glazuurbak er heel anders zou uitzien dan voor het bakken. Ik heb meestal moeite met het los te laten van een ideaalbeeld, dus ik was blij dat ze dit op voorhand vermeldde.  

Ik koos vier kleuren uit die ik mooi vond.

Voor we glazuurden, kuisten we de potjes af, omdat er na de biscuitbak er een stoflaagje op zit dat eraf moet, zodat het glazuur er goed op kan hechten. Daarna mochten we creatief patronen met het glazuur aanbrengen, telkens in 3 tot 4 lagen. We moesten telkens de onderkant van onze potjes glazuurloos laten, zodat het glazuur tijdens het bakken niet zou smelten en aan de ovenplaat zou blijven plakken. 

Ik vond het glazuren het meest creatieve deel van het pottenbakproces. Hier werd weinig techniek van ons verwacht en was er meer ruimte om te spelen met kleur. Ik koos verchillende kleurcombinaties, wat lichtjes uit mijn confortzone is. Ik geef meestal de voorkeur aan effen kleuren, maar deze keer koos ik ervoor om iets anders uit te testen. Zeker omdat ik wist dat het eindresultaat een verassing blijft. Ik probeerde leuke patronen en kleurencombinaties te maken.  

Tegen het einde van de les, liet Lutgart ons weten wanneer de glazuurbak zou plaatsvinden en wanneer we onze potjes konden gaan halen.

Reflectie

Wat blijft me het meest bij van deze sessies?

Wat mij het meest bijblijft van deze workshop, is hoe makkelijk keramisten het pottendraaien doen lijken. De klei leek altijd gewoon mee te werken. Wanneer ik zelf achter de draaischijf zat, merkte ik hoe gevoelig klei is. Elke beweging, onzekerheid, harde of scheve aanraking heeft een zichtbare impact.

Lutgart zei dat we baas moesten zijn over de klei, en dat begreep ik steeds beter. Ze bedoelde daarmee dat je stevig aanwezig moest zijn. Als je twijfelt of onzeker bent, neemt de klei het over en doet ze haar eigen ding.

Het blijft me ook bij hoe belangrijk elke stap in het proces is. Bij natte klei zie je niet altijd alle imperfecties en heb je het gevoel dat de potjes wel goedkomen. Maar tijdens de biscuitbak zijn er enkele scheurtjes en barstjes ontstaan. Lutgart legde ons uit dat dit kon komen doordat er tijdens het kneden, centreren, optrekken of drogen iets verkeerd was gegaan. Daardoor besefte ik dat werken met klei een proces is waarin elke stap invloed heeft op de volgende. Een kleine onnauwkeurigheid in het begin kan later zichtbaarworden. Dit maakt het proces voor mij betekenisvoller.

Vond ik de sessies uitdagend of grensverleggend?

Ik vond het pottendraaien eerder uitdagend. De combinatie van kracht en controle is iets dat ik als beginner nog niet goed aanvoel en dat vroeg wel geduld van mij. Uiteindelijk heb ik mezelf eraan herinnerd dat ik een student ben en dat ik het niet meteen onder de knie moest hebben. Toen ik dat kon loslaten, heb ik er veel plezier aan gehad. 

Het centreren vond ik moeilijk, vooral om aan te voelen wanneer de klei echt gecentreerd was. Soms dacht ik dat het goed was en zei Lutgart dat de buitenkant wel gecentreerd was maar de binnenkant niet. Toen ze me kwam helpen, voelde de klei inderdaad anders aan. Ze voelde steviger, alsof Lutgart echt de baas was over het stukje klei en de kei besloot om te luisteren en zich als een stevig geheel te vormen.

Ook de muren optrekken vond ik uitdagend. Je moet twee vingers parallel houden en tegelijk druk zetten en omhoog trekken. Dit zijn spieren en bewegingen die ik niet gewend ben te gebruiken en vraagt ook veel concentratie.

Ik merkte ook dat er veel fout kan gaan als de basis niet goed zit. Als de klei niet goed gecentreerd was, worden de muren niet even dik opgetrokken. En als die muren niet gelijk zijn, kan dat ervoor zorgen dat de klei niet gelijkmatig droogt en later barstjes krijgt.

Riepen deze sessies weerstand in mij op?

Ik voelde minder weerstand dan bij contemporary dance, maar er was een ander soort weerstand. Ik ben een persoon die normaal graag mijn tijd neemt voor elk potje. Op een gegeven moment zaten medecursisten aan hun vierde potje, terwijl ik aan mijn tweede zat. Daardoor heb ik me soms wat opgejaagd gevoeld om sneller te werken, terwijl dat helemaal niet nodig was. Achteraf gezien was het misschien toch beter geweest om op mijn tempo te werken, ook om ervoor te zorgen dat ik elke stap goed afwerkte.

Ik voelde ook weerstand wanneer ik wist dat het eindresultaat nooit helemaal voorspelbaar is. Ik had een potje voor ogen en had dat ook graag mee naar huis genomen. Gelukkig had Lutgart ons daarop goed voorbereid, anders was ik zeker teleurgesteld geweest.

Toen ik hoorde dat er twee van mijn potjes gebroken waren, vond ik dat wel jammer. Hoewel ik hierop had geanticipeerd, was ik ook tevreden over mijn andere vier stukken. 

Welke nieuwe aspecten heb ik van mezelf ontdekt?

Ik heb ontdekt dat creativiteit voor mij niet betekent dat ik perfectie helemaal moet loslaten. Tijdens het pottenbakken merkte ik dat ik het juist waardevol vond om mijn tijd te nemen en iets met aandacht en zorg te maken. Terugkijkend leek het zelfs essentieel om dit te doen. Door tijd te nemen kreeg ik spontaan ideeën om een potje op een bepaalde manier uit te werken.  

Ik ontdekte dus dat zorg en verfijning ook deel zijn van mijn creativiteit. Ik hoef perfectie niet volledig los te laten, zolang ik mij er bewust van ben dat ik het eindresultaat niet volledig onder controle heb.

Met welke grenzen werd ik geconfronteerd?

Ik werd geconfronteerd met mijn technische grenzen. Ik kon begrijpen wat de bedoeling was, maar het was voor mijn handen moeilijk om het uit te voeren. Dat vond ik soms frustrerend, omdat ik moest accepteren dat mijn handen en armen tijd nodig hadden om iets te leren wat mijn hoofd al denkt te begrijpen. Deze grens liet me zien dat leren niet alleen mentaal is en soms begrijpt je hoofd iets sneller dan het lichaam.

Ik werd ook geconfronteerd met mijn ongeduld. Klei heeft veel tijd nodig, dus je kan bijvoorbeeld na het draaien, het potje niet direct afwerken. Na elke stap ik er eigenlijk een pauzemoment nodig: drogen, lederhard worden, biscuitbakken, glazuren en opnieuw bakken. Dat botste met mijn neiging om verder te willen werken richting het eindresultaat. Ik heb nooit echt veel geduld gehad, maar keramiek dwingt je om het tempo van de klei te volgen.

Daarnaast werd ik ook geconfronteerd met mijn grens rond controle. Bij keramiek is het, zeker als beginner, heel moeilijk om het potje dat je voor ogen hebt te recreëren. Wanneer alles vlot lijkt te verlopen kan er nog steeds een scheurtje ontstaan of kunnen de kleuren anders uitdraaien. Dat vond ik moeilijk, maar tegelijk ook heel mooi dat dit een gegeven is bij keramiek.

Welke talenten heb ik van mezelf ontdekt?

Ik heb herontdekt dat ik graag met mijn handen werk. Ik vond het rustgevend om neer te zitten en mijn volledige aandacht te mogen richten op een bolletje klei voor mij. Er was iets rustgevends aan die focus. Op dat moment bestond mijn aandacht alleen uit mijn handen, de draaischijf en de klei.  

Ik merkte dat ik graag mooie dingen maak en graag bezig ben met esthetiek. Ik denk graag na over vorm, kleur en balans. Dit kwam vooral naar voren tijdens het afdraaien en glazuren. Daar nam ik graag de tijd een aandacht om op verhoudingen en details te letten.

Wanneer voelde ik de creatieve energie het meest?

Ik voelde de creatieve energie het meest tijdens het afwerken en tijdens het glazuren. Dit vroeg weinig techniek en gaf er meer ruimte om mijn gevoel te volgen.

Wanneer de klei lederhard was en daardoor ook steviger, konden we eindelijk meer vorm geven en verfijnen. Er zat daar veel creatieve ruimte in. Ik ben iemand die van nature houdt van dunnen en elegante vormen, toch heb ik enkele zwaardere stukken gemaakt omdat ik benieuwd was naar het resultaat. Ik sneed ook vier stukjes uit de bovenrand van één potje, waardoor de rand iets kreeg van een klavertje vier. Ik liet de controle het meest los tijdens deze momenten, omdat ik echt begon te spelen met de vorm in plaats van alleen maar de techniek te volgen.  

Hetzelfde gebeurde met glazuren, normaal ben ik iemand die houdt van minimalistische kleuren, maar toen heb ik ervoor gekozen om glazuren te layeren en patronen te verwerken. Dat was niet mijn automatische stijl, maar net daardoor voelde het creatief. Ik durfde iets uit te proberen zonder exact te weten hoe het zou uitdraaien.

Ik voelde mijn creatieve energie ook omdat het een toffe groep was waar alles mocht. We mochten fouten maken, lachten veel tijdens de workshop en tijdens het draaien kregen we de ruimte om onze eigen potjes te ontwerpen. Voor een pottendraaisessie voor beginners vond ik dat we veel vijheid kregen onder juiste begeleiding. Die combinatie van vrijheid en begeleiding werkte heel goed voor mij.

Maak jouw eigen website met JouwWeb